Interview met Hessel van Straten, directeur van Nederlandse Internationale Bosbouw Onderneming (NIBO)

Wie is en wat doet Hessel van Straten?

Ik voer de directie bij NIBO en haar deelnemingen. Ik ben inmiddels tien jaar betrokken bij de aanleg van (teak) plantages, de verwerking van (teak)hout in fabrieken, de verkoop van het hout, oftewel, het gehele traject van “plant tot klant”. NIBO heeft belangen in oudere plantages in Costa Rica waar voor een deel de eindkap al plaats vindt en waar aan de aandeelhouders dividend wordt betaald uit de inkomsten van het hout (dit jaar ongeveer US$ 3.4 miljoen positief operationeel resultaat). We zijn de grootste exporteur van teakhout in de Amerika’s. Daarnaast heeft NIBO belangen in houtverwerkende industrieën waar o.a. hout wordt verwerkt tot vloeren.

Wat vindt u van het standpunt van de Consumentenbond dat beleggen in hout(fondsen) overwegend erg risicovol is en dat er veel niet betrouwbare aanbieders e.d. zijn?

Helaas moeten we dat standpunt onderschrijven. In principe is het investeren in (teak) plantages een goede zaak, maar dan moet wel aan een aantal minimum eisen worden voldaan. De eindeloze reeks negatieve berichten in de pers geeft al aan dat er veel mis is. De kritiek betreft bijna altijd de volgende aspecten:
- inleg per hectare: veel te hoog. Sommige aanbieders vragen wel $ 30.000 tot $ 40.000 per hectare, terwijl de kostprijs van een goed en efficiënt aangelegde en onderhouden hectare bomen ongeveer US$ 3.000 tot $ 6.000 bedraagt, incl grond en onderhoud voor de eerste tien jaar. Investeerders moeten zich maar eens afvragen wat er met het rendement gebeurt als ze zulke hoge bedragen voor een hectare betalen!
- hoogte van de opbrengsten: deze worden meestal veel te hoog voor gesteld, terwijl daarvoor geen bewijzen (in de vorm van gerealiseerde opbrengsten) aanwezig zijn. Integendeel! Iedere expert kan vertellen dat de gebruikte prijzen voor het plantage teakhout te hoog worden voorgesteld, om over de groei van de bomen nog maar te zwijgen.
- structuur: er worden veelal individuele kavels verkocht, terwijl bosbouw juist in alle opzichten een collectieve belegging is. De verkoop van individuele kavels valt niet onder toezicht van de AFM, terwijl dat wel zou moeten. De investeerders in individuele kavels hebben een zeer zwakke positie en vergroten daarmee hun risico enorm.
- ervaring en track record: de meeste aanbieders verkopen kavels tegen uitzonderlijk hoge prijzen, en met volstrekt onrealistische opbrengst prognoses, terwijl ze weinig of geen ervaring hebben met het verdienen van geld met de verkoop van bomen. Men kan prima het geld van de investeerders uitgeven, maar of men maar zeer de vraag – en dan druk ik me voorzichtig uit.

Tenslotte worden investeerders vaak per telefoon benaderd door agressieve telefonische verkopers. Er wordt met allerlei namen geschermd om te proberen enige credibility toe te voegen op met name punten betreffende bijzaken, terwijl op de bovengenoemde hoofdpunten de propositie veelal ondeugdelijk is.

Is er ook koren tussen het kaf in het veld van beleggen in hout? (m.a.w. zijn er ook betrouwbare aanbieders?)

NIBO voldoet wel aan de boven genoemde punten. Van andere bosbouwfondsen met teak plantages van enige omvang en met track record is ons niets bekend. In Zwitserland is er wel een beurs genoteerd bedrijf genaamd Precious Woods (deze is ook aandeelhouder bij NIBO) die naast de duurzame exploitatie van Amazone bos ook teak plantages heeft aangelegd in Costa Rica en Nicaragua. Het is een serieus bedrijf dat wel aan de bovengenoemde minimale criteria voldoet.

Houtbeleggers liften graag mee met begrippen als duurzaam en groen beleggen. Wat vindt u hiervan?

Als de plantages worden aangelegd volgens de FSC criteria betekent dit dat er serieus rekening wordt gehouden met mens en milieu. Dat wordt door onafhankelijke derden jaarlijks gecontroleerd. Concreet betekent het dat voorheen ontboste stukken grond worden herbebost, wat een grote verbetering is ten opzichte van het alternatief, bijvoorbeeld extensieve veeteelt. Bij duurzame houtproductie wordt bovendien CO2 vast gelegd, waarmee het broeikas effect wordt verkleind. De positieve ecologische bijdrage van plantages kan op vele manieren worden verhoogd, bijvoorbeeld door de aanleg van ecologische corridors waarbij stukken natuurlijk bos met elkaar worden verbonden middels de aanplant van lokale soorten. Zo zijn er tientallen voorbeelden te noemen, en deze verschillen van plantage tot plantage. Ook plantages die in onze optiek de toets der kritiek geheel niet kunnen doorstaan, hebben soms wel een positieve ecologische en sociale bijdrage.

Hoe zou er een betere scheiding kunnen plaatsvinden tussen de "goede" en de onbetrouwbare houtbeleggers?

In de eerste plaats dient er geld te worden aangetrokken door de uitgifte van aandelen, met een prospectus dat aan de regels van de AFM voldoet. Dat moet ook omdat bosbouw in alle opzichten een collectieve activiteit is. Dan weten de investeerders tenminste waarvoor hun geld wordt gebruikt, wie er mee aan de slag gaan, en wat de (onderbouwde) kosten en opbrengsten zijn. Als aandeelhouder heb je heldere rechten, er zijn aandeelhoudersvergaderingen, behoren er goed gekeurde jaarverslagen te zijn en ga zo maar door. Daarnaast moet goed gekeken worden of de geprognosticeerde kosten en opbrengsten enigszins realistisch zijn, en of het management relevante ervaring heeft met alle aspecten die bij plantage bosbouw van belang zijn.

Waarom zou je als particuliere belegger beleggen in een hout?

Vanwege de combinatie van een goed lange termijn rendement met positieve ecologische en sociale effecten. Plantage bosbouw, mits goed en kosten efficiënt uitgevoerd, heeft in het verleden op lange termijn een rendement laten zien dat hoger is dan het rendement op bijvoorbeeld aandelen. En tegenwoordig vinden vele investeerders de duurzame aspecten een pré. Je wilt tenslotte niet dat met jouw investering in een bedrijf de mensen die er werken, worden uitgebuit, of de natuur wordt vernield.

Teakplantages worden pas na 20-30 jaar geoogst. Dan pas is rendement bekend. Hoe kunnen beleggers met deze onzekerheid omgaan?

Investeerders moeten zich er goed van bewust zijn dat het een lange termijn belegging betreft. Mensen die hun investering snel te gelde willen maken, kunnen hier beter niet in beleggen. De grootste beleggingen van Nederlanders betreffen hun pensioenen en verzekeringen, en die betalen ook pas op lange termijn uit, terwijl ze tussentijds niet liquide te maken zijn. Verder is het altijd verstandig om je beleggingen te spreiden. Je mag dus maar een deel van je gespaarde geld in (jonge, illiquide) plantages beleggen. Tenslotte is het verstandig om te investeren in bedrijven die al een gehele cyclus achter de rug hebben (track record), zoals ons bedrijf. Dan weet je een stuk beter wat het eindresultaat kan worden.

Hebben houtplantages als teak e.d. iets met duurzame ontwikkeling te maken?

Naast de positieve ecologische aspecten, zijn plantages voor de mensen die er werken belangrijk. In de gebieden waar plantages worden aangelegd is veelal geen werk, en de geboden werkgelegenheid weerhoud de mensen – en hun families – om naar de grote steden te trekken, op zoek naar een baan. Het houden van koeien, vaak slechts één koe per hectare, levert weinig geld op, en hoegenaamd geen werkgelegenheid, terwijl de vruchtbaarheid van de grond jaarlijks verminderd. Ons plantage bedrijf heeft ruim 100 mensen in dienst, die een goed lokaal salaris ontvangen. Daarnaast betalen we de sociale premies zodat de mensen verzekerd zijn in geval van ziekte, ontslag en ze pensioen zullen ontvangen. Rond de plantages ontslaan allerlei activiteiten, bijvoorbeeld voor toeleveranciers. En tenslotte komt de voor plantage bosbouw belangrijke productie factor geld uit Europa of Amerika en wordt dit geld gecombineerd met de aantrekkelijke lokale productiefactoren klimaat, arbeid en grond. Het is een mooi voorbeeld van Noord-Zuid samenwerking, en veel duurzamer dan vele projecten die de Nederlandse overheid met ontwikkelingsgeld of NGO´s met donaties laten uitvoeren. Als het om duurzaamheid gaat is ons motto dan ook: wij doen wat anderen beloven.

Hoe ziet u de toekomst van beleggen in hout?

Er zijn een aantal grote bosbouwfondsen in landen als de VS, Canada en Australië. Deze hebben al een track record van vele jaren, met goede resultaten. Met de huidige ontwikkelingen op gebied van duurzaamheid (hout is een zeer duurzaam product), het Kyoto protocol (CO2 uitstoot verminderen) en duurzaam beleggen (het wordt een steeds grotere sector) zullen op termijn ook Nederlandse institutionele investeerders in duurzame bosbouw gaan investeren. Maar dan moet deze tot nu toe rommelige sector eerst volwassen worden, en daarmee is NIBO druk bezig. Zelf het goede voorbeeld tonen, en hopen dat de slechte voorbeelden verdwijnen. Dat kost tijd, maar is de moeite waard. En omdat er vele slechte voorbeelden van bosbouw in Nederland zijn, is het bovendien zaak om je rug recht te houden, de waarheid te blijven vertellen, en niet te zwichten voor allerlei lieden die met hoge rendementen schermen. Eerlijk duurt het langst, zeker in onze business!

Heeft u zelf ook iets met duurzaamheid?

Jazeker. Het product hout is tenslotte CO2 dat is vast gelegd met zonne-energie. De manier van produceren kan ook aantoonbaar duurzaam indien het volgens de FSC criteria wordt gedaan. Kortom, het is een duurzaam product dat op duurzame wijze wordt geproduceerd. Ik geloof stellig dat dit op lange termijn een goede toekomst heeft. Ik was daar in het verleden al veel mee bezig, maar bij mijn vorige werkgever Shell waren de mogelijkheden toen nog zeer beperkt. Nadat ik de inmiddels historische conferentie over duurzaamheid in Rio in 1992 had bij gewoond was ik meer dan ooit overtuigd van de noodzaak van duurzaam ondernemen. Het doet me, en met mij vele aandeelhouders, veel plezier om het mogelijk te maken om een goed financieel rendement te behalen waarbij de bij de projecten betrokken mensen een beter leven krijgen en waarbij ook het milieu wel vaart. Winst voor iedereen, en dat doet me veel plezier.